“Hart voor Gambia”

hart voor gambia

 

 

 


Op zondag 27 november 2011 waren wij van BVG Peelland, aanwezig bij de Gambiadag in Sociaal Cultureel Centrum Den Draai, op uitnodiging van de organisatie Hart voor Gambia.

Toen werd de afspraak gemaakt dat als ze terugkwamen uit Gambia met foto’s en verhalen over het Skill center in Brikama, dat wij dan daarover een artikel in de Vuist zouden plaatsen
Dat was dus nu aan de orde. Een foto impressie kunt u hier bekijken.

Voordat we daarover beginnen eerst iets in het algemeen over Gambia.

gambia-map
Gambia is een land aan de westkust van Afrika met 1,6 miljoen inwoners, dat zoals je op bovenstaande afbeelding ziet aan drie zijden omringd is door een ander Afrikaans land namelijk Senegal, en aan een zijde dus door de Noord Atlantische Oceaan.

Midden door het land stroomt de Gambia rivier.
Er is geprobeerd om Senegal en Gambia samen te voegen tot Senegambia maar dit mislukte omdat het ene land geen vertrouwen had in de inzet van het andere land en dan heb je geen basis.
Door deze rivier en het feit dat het aan de Noord Atlantische Oceaan lag, werden er tussen 1500 en 1856 ruim 12.000.000 slaven via slaventransporten naar Amerika vervoerd.

De populaire televisieserie Roots uit 1977, die over de slavenhandel gaat, die heeft zijn oorsprong in Gambia.
Kunta Kinte behorende tot de Mandinka stam, wordt in Gambia gevangen genomen door slavendrijvers en via een boot verscheept naar Maryland.

Gambia is een republiek en is qua oppervlakte ongeveer net zo groot als Limburg, Noord-Brabant en Zeeland samen.
Gambia is een vroegere kolonie van Frankrijk en daarna van Engeland.
Sinds 18 februari 1965 is Gambia onafhankelijk maar is het nog wel lid van de Gemenebest als onafhankelijke lid.
Het Gemenebest is een vrijwillige verbintenis tussen onafhankelijke soevereine staten met symbolisch de Britse koningin als staatshoofd.
De voertaal is er nog steeds Engels, wel worden er voornamelijk, buiten de verschillende dialecten nog twee belangrijke eigen talen gesproken, namelijk Wolff en Mandinka.
De werkeloosheid is in het regenseizoen ( vanaf de 2e helft van juni tot de 2e helft van oktober ) ongeveer 80 %, dit komt omdat er dan bijna geen toeristen komen.
In het toeristenseizoen is dat ongeveer 50%.
De toeristen overnachten in hotels met alle gemakken, maar 50 meter verder leven de Gambianen in die karakteristieke Afrikaanse hutjes, of onder een golfplaat die steunt op vier palen.

Zo, nu heeft u een beeld van het land en de oorspronkelijke inwoners.
Nu begrijpt u ook waarom er een stichting in het leven is geroepen om de Gambianen te helpen.
Allereerst willen we weten hoe men vanuit Nederland in Gambia terecht kwam.
Dit was heel toevallig, via een visvakantie in 2005 door enkele van de huidige bestuursleden.
Wat opviel was de vriendelijkheid van de Gambianen, ondanks al hun ellende waarin ze leven.
Gambia heeft ook een bijnaam, niet voor niets wordt het de smiling coast of Africa genoemd.
De deelnemers aan die bewuste visvakantie wilden bij terugkomst in Nederland iets terugdoen en dat is een beetje uit de hand gelopen op een prettige manier dan.

Je woont in Gambia en je hebt een beperking, wat wil dat zeggen?
Nogal wat!
Je wordt verstoten, je bent dan constant bezig om op straat door middel van te bedelen geld of eten te krijgen.

Je krijgt daar geen uitkering of kunt bij een thuiszorgwinkel hulpmiddelen op gaan halen, want die zijn er niet.
Daarom dus dat Skill center, in feite een dagbesteding waardoor ze in hun eigen onderhoud kunnen voorzien.
Als je dan iets zelf doet en je maakt er iets moois van, dan geeft dat ook een goed innerlijk gevoel.
Het gevoel van eigenwaarde zoals ze dat noemen.
Inmiddels maken ze er in Gambia op afgedankte naaimachines hele mooie praktische bruikbare dingen van.
Het Skill center in Brikama blijkt gewoon een schot in de roos te zijn.
Op de verschillende naaimachines en de stukken en lappen stof die er vanuit Nederland meegekomen zijn, worden portemonnees, sloffen, schoolkleding, zelfs imkerpakken etc. gemaakt.

De eerste zending vanuit Nederland naar Gambia verliep niet geheel naar wens; the know how was er eenvoudig nog niet.
Inmiddels is er een organisatie neergezet die staat.
Er is een bestuur in Nederland, maar er is ook een lokaal bestuur in Gambia.
Dit lokaal bestuur is een NGO bestuur wat betekent dat het bestuur bestaat uit lokale, niet-gouvernementele bestuursleden.
De gewone burgers dus die precies weten wat er wel en wat er niet nodig is.
Deze lokale bestuursleden maken als het ware een voorselectie van de aanvragen die er vanuit Gambia komen.
Een aanvraag wil niet zeggen van: we hebben een Skill center nodig.
Nee, als er een aanvraag voor een Skill center wordt ingediend dient er een plan van aanpak te zijn, een raming van de te maken kosten en een uitvoerige bouwtekening met alle maten erbij.
Dit alles wordt eerst ingediend bij het lokaal bestuur en als die het wel zien zitten dan komt dit plan bij het bestuur in Nederland terecht en die bekijken, op welke manieren ze kunnen helpen.
Er wordt wel vanuit gegaan dat degene die dit plan indienen zelf ook van alles eraan doen om dit plan zo efficiënt mogelijk uit te voeren.
Sommige materialen kan de lokale bevolking zelf maken en het drukt de kosten. Terwijl sommige materialen in Gambia eenvoudig niet te verkrijgen zijn, die we hier in Nederland dan weer in overvloed hebben of door middel van sponsoring in het bezit van de organisatie terecht komen.
Het is ook de bedoeling dat wat er vanuit Nederland komt niet voor altijd is, de lokale bevolking moet zelf in hun eigen onderhoud gaan voorzien.
Maar het allerbelangrijkste is dat ze niet hoeven te bedelen om in hun onderhoud te kunnen voorzien.

Het Skill center was het tweede grote project.
Het allereerste grote project was een drinkwatervoorziening.
Hierdoor heeft een lagere school, een kleine kliniek, een volkstuinencomplex en omliggende woongebieden drinkwater, de capaciteit is ongeveer 28 kubieke meter per uur. Hierdoor beschikken ruim 6000 mensen over schoon en veilig drinkwater.
Naast tastbare projecten wordt er ook iets anders gedaan.
Via een studiefonds worden veelbelovende studenten met een beperking en zonder een beperking in de gelegenheid gesteld om aan een studie te beginnen, die niet zelf geheel kunnen betalen.
Ze moeten wel een gedeelte zelf kunnen betalen, en als ze afgestudeerd zijn en een baan hebben, dan wordt er ook verlangd dat er een gedeelte teruggestort wordt in het fonds.
Zodoende blijft dit fonds gevuld en hebben in de toekomst meerdere studenten er voordeel bij.
Mocht u na dit allemaal gelezen te hebben, meer informatie willen kijk dan even op hun website: www.hartvoorgambia.nl/

Dit artikel is tevens bedoeld om te laten zien dat als je in Nederland leeft en je hebt een beperking dan heb je het nog niet zo slecht.
Je hoeft niet te bedelen om in je levensonderhoud te voorzien.
Verder ben je niet afhankelijk van de goedheid van andere bewoners van onze aardbol.
Wij hebben nu eenmaal een bepaalde levensstandaard en dan terug moeten, dat doet altijd zeer, al is het maar in de portemonnee

Met dank aan de secretaris van Hart voor Gambia, Cees van de Ven voor zijn informatie en de foto’s van de verschillende projecten.

Oproep voor leden van BVG Peelland
Lijkt u het leuk om via de email contact te leggen met iemand uit Gambia, neemt u dan contact op met Marian Bronstein.

Via Cees van de Ven zullen we dan proberen om een e-mailcontact tussen iemand uit Gambia en een lid van BVG Peelland tot stand te brengen.
Dan kunt u ervaringen uitwisselen.
Dit e-mailcontact is wel in het Engels, houdt u daar rekening mee.
Contact leggen kunt u via  Email Info Wit.